Home / Ingezonden / Camille Blues

Camille Blues

Er zijn van die weekeinden dat ik niet vooruit te branden ben. Uitslapen, slecht weer, veel sport op TV en duizend andere smoezen om al je plannen en voornemens te laten varen. Ook deze zondag dreigde de ledigheid het te winnen van mijn voornemen weer eens een optreden bij te gaan wonen van de bluesrockband waar ik vijfentwintig tot dertig jaar geleden als roadie mee had gewerkt. Omdat ik het leuk vind te horen waarmee ze tegenwoordig bezig zijn en omdat ze altijd weer aangenaam verrast lijken door mijn aanwezigheid. Om mezelf een alibi te verschaffen tegen mijn eigen laksheid had ik een vriendin meegevraagd die meer van muziek houdt dan ik, maar die kon niet. Mijn intuitie droeg nieuwe alibi's aan en won.
'Barrelhouse' speelde in een zeker Café Camille in Beverwijk, met akoestische gitaren, contrabas of accordeon en een echte cafépiano. Voor het eerst zonder zware versterking en PA-installatie en dus zonder de luidruchtige bluesrock-sound had ik ze nog niet gehoord. Het weer was mild en ik was lang niet in Beverwijk geweest, de plaats waar veel van mijn roots liggen. Zaterdag had ik opgebeld om de aanvangstijd te vragen en een vriendelijke vrouwenstem had mij meegedeeld dat ze om drie uur begonnen en er geen entree geheven werd. Kortom, volop goede alibi's om tijdig in de auto te stappen en bij het begin van de eerste set aanwezig te zijn. Van mijn eigen dorpscafé weet ik hoe verkwikkend informeel en ongedwongen zulke optredens kunnen zijn. Dit eetcafé ligt verassend passend aan het kerkplein van de oude Wijkertoren, die verder vervreemdend is omgeven door een nieuwbouwwijk. Ik viel met mijn neus in de boter.
De ruimte was van het formaat huiskamer en meteen - niks podium - stond ik oog in oog met de muzikanten, die zodra ze mij ontwaarden elk enthousiast gebaren van begroeting maakten. Dat was al bijna even hartverwarmend als de drie sets die gespeeld werden, waarbij experimenten niet onder stoelen of banken gestoken werden, als dat al mogelijk was geweest, want veel van het meubilair was aan de kant geschoven en de zaak was bomvol enthousiast publiek. Afgezien een schattige zwarte peuter met een wilde bos krullen, die vrolijk meeklapte op de arm van haar knappe blonde jonge moeder was dit publiek de dertig en merendeels ook de veertig ruimschoots gepasseerd. In leeftijd, niet in geestdrift. Een bescheiden, maar overtuigde fanclub. De klassieke, met heftige, tweevoudige gitaarriffen doorspekte stampers, die de gebruikelijke grote zalen volledig uit hun dak doen gaan, klonken hier weer oorspronkelijk als oude blues. Verrassend afgewisseld met subtiele solo's zonder ritmesectie van zangeres, contrabas, piano en gitaar. Ierse ballads met accordeon verlevendigden het repertoire en in een vet countrynummer hoorde ik zelfs een zweem van zydeco.
Ook de ambiance was volmaakt. Het publiek liet zich desgevraagd verleiden tot meeklappen en -scatten en het café ademde een sfeer van lekker muziek maken met een groepje vrienden thuis. Uit diverse posters aan de muren bleek dit bescheiden eetcafé een rasecht cultuurcafé te zijn. Grootste blikvanger na de band zelf, was een schitterende nostalgische zwart-wit foto van zo'n anderhalf x twee meter, die achter de muzikanten aan de muur hing. Een vrouwenportret uit de pionierdagen van de fotografie, dat melancholiek het zaaltje in keek. Pas nadat ik het herkend had als een portret van Camille Claudel, leerling en geliefde van Auguste Rodin en zelf talentvol beeldhouwster, realiseerde ik me dat naar haar Café Camille genoemd moest zijn.
Nadat publiek en band tenslotte node van ophouden wisten en daarna godzijdank geen obligate muziek uit blik de vermeende stilte hoefde te overschreeuwen, kon ik in alle rust bijpraten met de achtergebleven bandleden. Als klap op de vuurpijl trakteerde uitbaatster José ons met zichzelf als inspirerend gezelschap op een al even uitmuntende als huiselijke maaltijd met een goed glas wijn. Gezelligheid kent geen tijd, maar toen, naarmate de flessen leger raakten, de brede stroom gesprekken oeverlozer werd en het tijd werd te vertrekken, was het toch nog voor tienen. In de auto op weg naar huis probeerde ik tevergeefs mij te herinneren, wanneer ik voor het laatst zo'n aangenaam bestede zondag had gehad.
Café Camille, een plaats om nog heel vaak naar terug te keren, al was het alleen maar om José te groeten en een glas te drinken oog in oog met die prachtige Camille Claudel.

Robj